Column: Politieke Borrelpraat 565
23 Jun, 22:44
foto
De backtrack-route aan het Corantijnstrand is behoorlijk druk nu de Canawaima is uitgevallen.


“Heren, waarover zullen we het in ons babbelkringgesprek deze week hebben? Over de komende komst van de Cubaanse artsen?”
“Zullen wij die artsen al tijdens de inburgeringsperiode US$ 800 per maand betalen, waarvan meer dan de helft gaat naar de Cubaanse overheid?”
“Goed toch? Dan geven wij onze Cubaanse kameraden ook een beetje ontwikkelingshulp, want die Trump probeert ze klein te krijgen met de ene economische sanctie na de andere.” 
“Als wij de alhier pas afgestudeerde artsen, en co-, pre-assistent-artsen en klinische studenten diezelfde US$ 800 geven, en hen een tijdje vrijwillig verplichten om beurten het binnenland insturen, zijn we dan niet beter en goedkoper uit?”
“Maar de onzen willen voor geen geld het binnenland in te gaan; hondje gaat ze bijten, poesje gaat ze krabben, ze willen alleen in de stad en omstreken werken.”
“Wie zegt je dat? Is hen datzelfde salaris van die Cubanen aangeboden en hebben ze geweigerd dat je dit over hen kan zeggen?” 
“Mang, ik word er gewoon ziek van al dat gehaal en getrek over die Cubaanse artsen en ook over dat nieuwe ziekenhuis in Wanica. Je proeft duidelijk aan de ene kant de politieke haast met het oog op de komende verkiezingen en aan de andere kant het dwarsbomen van die politieke belangen en het veiligstellen van bepaalde vakgroep belangen.”
“Maar dat is toch van beide kanten niet verboden?”
“Oké, maar zal dit gehaal en getrek waar we zo van houden in dit land, de ziekenzorg ten goede komen?”
“Moeten we datzelfde zeggen over die plotselinge multi-ministeriële aanpak van de backtrackroute?”
“Volgens mij ook, waarom nu opeens? Het lijkt dat die broko veerboot daar bij Southdrain duizenden mensen per dag overzette en toen de slecht onderhouden tweede motor van die schuit het ook begaf, al die extra duizenden mensen nu pas opeens de backtrack nemen.”
“Kijk, ik ben maar een stomme zuiplap. Je zet toch een veerboot neer op de drukst bevaren route? Dat is dus tussen Zeedijk en Springlands. Waarom tientallen kilometers zuidwaarts rijden naar Southdrain om aan de overkant weer die afstand noordwaarts te rijden naar Springlands en dan pas verder? Wat is dat voor idioot gedoe?”
“Weten jullie waar die naam ‘Springlands’ vandaan komt? Want wie gaat er nou een dorp midden in de tropen ‘Lenteland’ noemen?”
“Het is een verbastering van de vroegere Hollandse naam. Ha, ha, meester, dat weet ik toevallig, want ik heb het ergens gelezen.”
“Dat klopt, mijn jonge borrelvriend. Goed zo. Op oude kaarten staat duidelijk: ‘Spring-in-‘t-land’, toen was de Berbice van de Hollanders.” 
“Maar meester, hoe zijn ze aan die naam gekomen?”
“Toen ik jaren terug met de ferry vanuit Nieuw-Nickerie overstak, moesten we vanwege de zee deining te Springlands van de boot op de steiger springen. Dat gebeurde waarschijnlijk ook in de koloniale tijd, vandaar de naam.”
“Maar meester, tot vandaag de dag zijn er heel wat plantagenamen daar in Guyana die herinneren aan die Hollandse periode.”
“Klopt, zeker rond New-Amsterdam, ja die naam al. De eerste straat langs het zandige gedeelte van de rivieroever heet Strandroad, de Strandweg. Verder heb je ook nog de Vryheidstreet. En plantagenamen als Sandvoort, De Voedster, Vrede en Vriendschap, Rotterdam, Gelderland, Zorg en Hoop, Willemstad.”
“In Guyana?”
“Ja mi boi. En de naam Jan is daar een alom bekende naam. En de beroemde Centrale Markt van Georgetown heet Stabroek Market, evenals een bekende krant: Stabroek News.”
“Dank u voor uw historische insteek, meester, maar ik denk dat die weg naar Southdrain is aangelegd, niet alleen om dat gebied daar te ontsluiten, maar waarschijnlijk omdat daar eens de brug over de Corantijn zal komen.”
“Nou, als we samen met de buren niet eens een veerverbinding in stand kunnen houden, hoe zal dat dan met een brug gaan?”
“Er zit iets goed mis in de relatie Suriname-Guyana, terwijl we qua koloniale historie, taal, etnische groepen, bodemschatten, klimaat, flora en fauna, corruptie, drugsdoorvoer, smokkel zoveel gemeen hebben. We waren vroeger zelfs min of meer één gebied.”
“Misschien houden we daarom niet zo van elkaar: gelijknamige polen stoten elkaar af. Zie ook zoiets tussen Nederland en vooral Vlaams België.”
“En wattebout die belachelijke en zelfs kinderlijk simplistische smoesjes die politieke partijen bedenken om hun blunders goed te praten.” 
“Bedoel je die doorzichtige smoes na de levensgrote blunder van partijpropagandisten met die poster met daarop die sportjongen die gehuldigd zou worden?”
“Dat zelfs partijtoppers beweerden dat ‘politieke tegenstanders’ zo machtig waren dat ze de facebookpagina van de partij hadden gehackt om die gemanipuleerde poster met die voetballer erop te plaatsen.”
“Boi, dan heb je dagenlang niet door dat ‘de vijand’ jouw facebookpagina heeft overgenomen? Wie gelooft dat nou!”
“En aan de andere kant neemt een partij afstand van een foto waarop jonge partijpropagandisten in een luxe car te zien zijn en eentje vooraan heeft een fikse rokende stickie tussen z’n vingers.”
“Hebben jullie de zegelring aan z’n ene vinger gezien, zo groot als een oog en hoogstwaarschijnlijk van puur goud.”
“Zo, zo, dat is dus een van degenen die volgens het partijbericht uit armoede dingen doet die slecht zijn voor land, partij en volk.”
“En dan komt er een heel verhaal over drugsbestrijding toen die partij het ministerie van Justitie onder zijn beheer had.”
“Was er toen niet zowat 90 kilo in beslag genomen coke verdwenen uit een kast op een politiebureau of zo? Nooit is een opheldering in die case gekomen.” 
“Klopt, dus laat geen van beide kanten met goedkope smoesjes komen om hun blunders goed te praten. Ze nemen ons gewoon als domme dommies die dit soort kletsverhaaltjes als zoete koek slikken.”
“Maar wie kan me zeggen wie dat skatje naast die ‘stickygoowtuman’ in die car is? Is ze ook bekend bij de partij?”
“Daar gaat het nu niet om, viezerik. Ik kijk liever naar die foto van gemotiveerde vrijwilligers, die het natuurpark Brownsberg een fikse schoonmaakbeurt hebben gegeven en opnieuw overal bordjes hebben geplaatst: Ireneval, Boykival, Emplacement, Mazaronitop…..”
“Maar eentje hield zijn bordje met ‘toilet’ netjes ondersteboven.’
“Dat was voor het ondersteboventoilet.”
“Ik vind dat deze milieubewuste en vooral jonge vrijwilligers een flinke award verdienen. “
“Weet je dat bepaalde voorbijgangers zo stom en dom reageerden toen ook zo een vrijwilligersgroep daar aan de Waterkant nabij het Waaggebouw schoonmaakte? Eentje zei ze: ‘Na las’ting. Morgen is het toch weer vuil.”
“Ik zou dan beleefd hebben geantwoord: ‘Ergens hebt u gelijk, meneer of mevrouw. Ik zal mijn lichaam en vooral mijn plassertje en billetje vanavond ook niet meer schoonmaken, bika n’a ooktu las’ting, want morgen wordt het toch weer vuil.”
“Ai, da’s een goeie, daar proost ik op.”  

Rappa


Monday 16 September
Sunday 15 September
Saturday 14 September