Column: Politieke Borrelpraat 559
12 May, 23:00
foto


“Jongens, wat een week, wat een week. Waarmee beginnen we dit zuipgesprek?”
”Met de kwestie van de voetbal, daar snap ik geen bal van. Wat een uitbarsting van emoties!”
“Deze uitbarsting laat zien dat er veel mis is binnen ons Korps Skoowtoe, binnen het ministerie van DjusPol, in de verhouding burgers en de politie, in dit geval met leden van het Lijdsaamteam en over all binnen delen van onze samenleving.”
“Als die met hout zwaaiende weerloze burger die bal had teruggegeven, was er niets gebeurd.”
“Oké, maar als die vrouw klappende en pistolen trekkende agenten in burger zonder toestemming om half elf ’s avonds niet wederom het erf van een burger waren opgegaan, was er ook niets gebeurd.”
“Ik zou m’n deur absoluut niet hebben opengedaan, dan was er ook niets gebeurd, hoe hard wie dan ook daar als een onbeschofte vlerk op had zitten bonzen.”
“Dan zouden ze de deur hebben ingetrapt, op zoek naar hun bal.”
“Denk je dat ze daar de ballen voor hadden?”
“Het zou dan zeker geen bal op dak zijn geworden.”
“Is het in dit land intussen ook gedoogd dat politieambtenaren in burger, met ontbloot bovenlijf en stinkend naar zweet en alcohol zonder huiszoekingsbevel een bewoond pand mogen doorzoeken?”
“Wat zeuren jullie, de zaak is toch in orde? Het Team van de Bijstand is toch weer aan het werk?”
“Ja, maar niet on-mid-del-lijk na het zo genoemde akkoord met de minister, zoals dat NII-ding voorbarig rondbazuinde. Pas na de ALV.”
“Maar enkele punten uit dat akkoord met de minister zijn een studie waard.”
“Noem ze eens, meester, ik heb dat gedeelte niet gevolgd.”
“De afdeling OPZ, die dus aanklachten tegen politiemannen behandelt, moet niet alleen werken aan het bewijzen van de schuld van een aangeklaagde agent, maar ook aan het bewijzen van de onschuld.”
“De bond heeft hier wel een punt, vind ik”
“Ik vind van niet. Een klacht moet toch worden onderzocht? En als de schuld van betrokkene niet kan worden bewezen, wordt hij toch vrijgelaten?”
“Maar moet je hangende het onderzoek de aangeklaagde politieman al meteen als een crimineel in de cel gooien?”
“De bond stelt dat de dienst OPZ dringend gereshuffeld moet worden, jeetje, we worden straks nog een reshuffelland. En ook dat er sprake moet zijn van een multi-etnische bemensing van het OPZ.”
“Oow, dus bijvoorbeeld: drie hindostaantjes, twee marrontjes, een creooltje, een zesachtste Javaan, een eenderde verdwaalde Chinees, een drienegende Braziliaan, een halfachtste Haïtiaan en een twee twaalfde Indiaan? Zal alles dan koek en ei zijn?”
“Blijkt hier weer niet dat dat onderlinge etnische wantrouwen in dit land nog altijd springlevend is en dat dit de grootste rem op onze gezamenlijke ontwikkeling is? Die Hollandse minister met die rare kop krijgt steeds weer gelijk met zijn uitspraak dat we een failed state zijn.”
“Ja, maar de ene grote etnische groep, laten we die voor het gemak de Afakka’s noemen, doet maar al te vaak alsof het land van hen is omdat zij hier het langst onder de blanke heerschappij hebben geleefd. En de andere etnische groep, laten we zeggen de Bhai-jo’s, die veel later hierheen kwam, bouwde zich binnen een paar generaties  zo snel op, dat de Afakka’s daar van schrokken en op allerlei manieren de opmars van de Bhai-jo’s probeerden af te remmen. En de Bhai-jo’s voelden zich daardoor steeds gekleineerd door de Afakka’s en kropten hun ongenoegen in stilte op. En waar zij zich binnen het overheidsapparaat op sleutelposities konden vestigen, betaalden zij de Afakka’s bij tijd en wijle met gelijke en soms ongelijke munt terug.”
“Leuk gefilosofeerd. Dat doet me denken aan kat en hond die in een huis komen te wonen. Het blijkt dat ze tegengestelde signalen hebben en ze vliegen elkaar daarom regelmatig in de haren. Ze vechten dan als kat en hond.”
“Dat begrijp ik niet, meester.”
“Wel, als een kat met z’n staart kwispelt, is hij woedend. Een hond is juist blij. Die denkt: ik kan met die kat spelen, zij kwispelt. Eindstand: a beest e blaas en ai krab’a dagu. Dan a dagu e hori afstand; die denkt: wat een vals en achterbaks beest is dat.”
“En als een kat spint, dus gromt, is het juist  tevreden en in zijn sas. De kat hoort de hond grommen en denkt: die is ook in z’n sas, ik kan met hem spelen. Eindstand: die hond rent boos blaffend achter die kat aan en bijna a hap’a beest in twee stukken.  Die kat denkt: wat een luidruchtig en agressief beest; ik hou maar liever afstand van hem. Die moet meteen in het hondenhok opgesloten worden; laat hij manieren leren.”
“Nu begrijp ik het: dat slaat op die Afakka’s of Bhai-jo’ die in een land zijn komen te leven en maar steeds met elkaar overhoop liggen. Zie ons buurland.”
“Zie ook ons. En in beide landen zijn het veelal de politici, maar ook bepaalde religieuze leiders die deze verschillen terwille van stemmenwinst of zieltjeswinst niet alleen in stand houden, maar zelfs aanscherpen.”
“Maar hoe leg je de Afakka’s en de Bhai-jo’s hun tegengestelde signalen uit en leer je hen daar begrip voor te hebben en minder argwanend met elkaar te leven en minder naast elkaar te leven??”
“Middels het onderwijs natuurlijk. Vanaf de kleuterklas via eenvoudige rollenspelletjes. De ene houdt van sparen, de andere van geld uitgeven. Laat ze van elkaar leren, want beide dingen heb je nodig.”
“Maar ik vond de reactie van tante Jenny in die onsmakelijke SPSB-bankcase heel goed: weloverwogen, van beide kanten bekijkend, maar wel met een duidelijk waarschuwende ondertoon.”
“Weten jullie nog dat er na de val van de regering Pengel eindjaren zestig van de vorige eeuw opeens een volle voorpagina in het ochtendblad De Vrije Stem werd gepubliceerd met namen van allerlei politieke toppers en daaraan gelieerden die leningen bij de Volkskredietbank hadden gehad en die niet hadden afgelost?”
“Ja, daar zeg je wat. Dus niets nieuws onder de zon.”
“Wat geldt zwaarder: het bankgeheim of het recht om malversaties naar buiten te laten lekken?”
“En wat vinden jullie van de zoveelste reshuffeling?”
“Het gehaal en getrek om bepaalde kliekjesbelangen van partijfiguren viert nu hoogtij. En wil je als minister niet meewerken, of werk je zelfs tegen, dan ga je de laan uit.”
“Bepaalde mensen weten dat de Paarse partij na 2020 niet meer in z’n eentje een regering zal kunnen vormen, vandaar wan laatste ronde ‘sjweef teki.”
“Wachte, straks gaat mijn Oranjepartij met 28 zetels alleen de regering vormen.”
“Hahahahah, ik heb toch zo een schik als ik dit hoor. Iedereen gaat alleen de verkiezingen in en niemand haalt die 26 zetels of meer.”
“Klopt, dan gaat na de verkiezingen een politiek gehaal en getrek losbarsten rond: ‘wie wordt president?’, want daar staat en valt alles mee.”
“Ik denk dat de politieke leiders er dan zodanig niet uit zullen komen, dat ze genoodzaakt zullen zijn consensus te bereiken over een niet-politieke president, die een overwegend niet-politiek en deskundig regeerteam zal samenstellen, zonder  pajongwaaiers en gappers.”
“Daar drink ik op. Proost.”


Rappa

Sunday 19 May
Saturday 18 May
Friday 17 May