Bescherming gezin geregeld in wet over ouderschapsverlof
12 Apr, 06:30
foto
Minister Soewarto Moestadja van Arbeid is ingenomen met de aanname van de 'Wet Arbeidsbescherming Gezin'. (Foto: Raoul Lith)


29 Assembleeleden die gebleven waren tot iets na 20.00 uur donderdagavond, hebben hun zegen gegeven aan de 'Wet Arbeidsbescherming Gezin'. Zo heet de wet die aanvankelijk 'Bescherming van het Moederschap' als titel had. In deze wet, waar decennialang over gesproken werd, zijn heel belangrijke regelingen opgenomen voor verlof van moeders en vaders, waarbij het kind centraal staat. Indien de moeder komt te overlijden en er geen vader is, komen ook familieleden tot de tweede graad die werken, in aanmerking voor betaald verlof.

Er wordt een fonds opgericht om de betalingen te kunnen verrichten. Iedere werknemer en werkgever is ten behoeve van het Fonds verplicht tot betaling van een bijdrage gelijk aan 1.0% van het bruto-loon van de werknemer. De werknemersbijdrage is maximaal vijftig procent en de werkgeversbijdrage minimaal 50%. De bestaande regelingen in bedrijven blijven van kracht voor een periode van drie jaar. De wet treedt in werking drie maanden na haar afkondiging. Het fonds wordt operationeel gemaakt binnen twee maanden na de afkondiging.

Minister Soewarto Moestadja van Arbeid én De Nationale Assemblee zijn het met elkaar eens dat er hard gewerkt is om nu zover te zijn dat deze wet tot stand gekomen is. Ook de bijdrage van de sociale partners is belangrijk geweest. Moestadja merkte op dat het bedrijfsleven wel vanaf het begin op de hoogte was dat er een fonds zou worden ingesteld. Er zijn hierover ook discussies gevoerd binnen het Arbeids Advies College, waarbij de Vereniging Surinaams Bedrijfsleven ook een bijdrage heeft geleverd. Een groot deel van de suggesties zijn overgenomen. Er zal in contact worden getreden met de bedrijfslevenorganisatie om de plooien glad te strijken.

Commissievoorzitter Jennifer Vreedzaam (NDP) zei dat het om een mijlpaal gaat. Het kind staat samen met vader en moeder centraal in deze wet, die gefaseerd zal worden uitgevoerd, terwijl er evaluatiemomenten zijn ingebouwd. De werknemer heeft recht op zwangerschapsverlof gedurende ten minste vier weken en ten hoogste zes weken voor de vermoedelijke datum van bevalling. De werknemer heeft recht op verlof gedurende tenminste tien weken na of ten hoogste twaalf weken aansluitend op de werkelijke datum van bevalling als bevallingsverlof. Dit kan gefaseerd verlengd worden tot maximaal 24 weken, afhankelijk van diverse omstandigheden die in de wet genoemd zijn.

Ook commissieleden Dew Sharman (VHP), Patricia Etnel (NPS), Raymond Sapoen (coalitie), Ingrid Karta-Bink (PL) en Carl Breeveld (DOE) benadrukken dat het om een goede wet gaat. Het tripartiet overleg wordt aanbevolen. Etnel zei dat voorkomen moet worden dat vrouwen die nog geen kinderen hebben, moeilijk aan werk kunnen komen. Zij moeten worden beschermd. Zij pleitte opnieuw voor een sterke Arbeidsinspectie. Sapoen zei dat het sociaal zekerheidsstelsel aangescherpt is met deze wet. Breeveld pleitte voor voorlichting en begeleiding, opdat de wet beter tot zijn recht komt.

Assembleevoorzitter Jennifer Simons zei dat er hard is gewerkt om een goede wet te hebben. Kinderen hebben nu een betere start, niet alleen de moeder en de vader. De hele samenleving heeft baat bij deze wet. In de eerste vier maanden van het kind zijn er diverse voorzieningen ingebouwd, zodat zij kunnen opgroeien tot goede burgers. Met deze wet wordt een beter sociaal systeem gecreëerd. Moestadja voerde aan dat een decennialang gekoesterde wens in vervulling is gegaan. Hij benadrukte dat de dialoog met de sociale partners voortgezet zal worden om verdere uitvoering te geven aan de wet.