Man veroordeeld voor drugsbezit
13 Dec, 11:32
foto


Davendra R. (31), die de Guyanese nationaliteit bezit, heeft op 18 november van dit jaar de Wet op Verdovende Middelen overtreden. Hij werd woensdag door kantonrechter Robert Praag veroordeeld tot een celstraf van zes maanden waarvan vijf voorwaardelijk onder aftrek van de tijd in voorarrest doorgebracht. Hij kreeg een proeftijd van twee jaar, een geldboete van SRD.1500 of een hechtenis van twee weken, verbeurdverklaring van de drugs en teruggave van het geldbedrag en de mobiele telefoon.

De verdachte werd met marihuana in zijn bezit aangehouden. Bij hem trof de politie twaalf wikkels met een gewicht van 498 gram marihuana, een mobiele telefoon en SRD 79,25 aan. De politie had het vermoeden dat de man de drugs verkocht. Op de rechtszitting ontkende hij de verhandeling. Hij gaf aan dat het voor eigen gebruik en voor het gebruik van zijn vrienden was.

De kantonrechter achtte de verkoop van de drugs niet bewezen, maar voor drugsbezit werd de man wel veroordeeld. Davendra R. verklaarde dat hij visser is en de drugs op zee gebruikt, omdat het koud is. Beurtelings kopen hij en zijn vrienden de drugs. Op die bewuste dag had hij voor SRD 2000 de drugs gekocht. Dat geld had hij van zijn vrienden gehad. De volgende dag zou hij op het water zijn en dan zouden ze samen het spul gebruiken. Officier van justitie, Mirella van Dijk, achtte zowel de verkoop en drugsbezit bewezen. Zij eiste een celstraf van zes maanden waarvan vijf voorwaardelijk onder aftrek van de tijd in voorarrest doorgebracht met een proeftijd van twee jaar, een geldboete van SRD 2000 of een hechtenis van twee weken, verbeurdverklaring van de drugs en zijn mobiele telefoon.

Praag hield de veroordeelde voor dat drugsbezit wettelijk strafbaar is. “De kou op zee is geen rechtvaardiging voor het hebben van drugs. Hier in de zaal is het nu ook koud, maar we hebben geen drugs toch”, stelde de kantonrechter.
Op 11 november zag een politieman Davendra R. een zakje met drugs afstaan en SRD10 in ontvangst nemen. De man beweerde dat hij juist SRD10 aan zijn vriend gaf en de drugs, omdat hij ook drugsgebruiker is. Zijn woning werd doorzocht en de politie trof toen de wikkels met de drugs aan. In eerste instantie verklaarde hij bij de politie dat hij reeds vier maanden in Suriname vertoefde en de drugs verkocht. Vervolgens kwam hij terug op zijn verklaringen en zei dat hij uit angst om neergeschoten te worden door de politie, het feit had toegegeven. Hij beweerde dat hij de drugs voor eigen gebruik kocht. Hij zou deze nooit verhandeld hebben.

Wanita Ramnath

Wednesday 20 March
Tuesday 19 March
Monday 18 March