PALU: Is het 'genade' die Alcoa Suriname schenkt?
25 Sep, 16:30
foto


De presentatie van Robert Bear, Alcoa’s vicepresident van de Global Transformation Group, aan het Surinaamse bedrijfsleven om goodwill te winnen was overbodig. Alcoa kon zich tot nu toe geen betere advocaat wensen dan de Surinaamse regering. Voor wat de PALU betreft is de vraag nu, heeft de regering de felle kritieken die op het MoU met Alcoa zijn gekomen ter harte genomen of niet? PALU kijkt daarom uit naar de voorstellen die de Surinaamse regering naar DNA zal sturen.

Het pleidooi van de Alcoa top tegenover het Surinaamse bedrijfsleven was kennelijk bedoeld om ons de geruststelling te geven dat de multinational achter de voorstellen staat. En gegeven alle zegeningen die er in de afgelopen honderd jaar reeds richting Suriname zijn gekomen zou het Surinaamse volk gerust moeten zijn. En je denkt dan bij jezelf: ‘Alsof er in al die 100 jaar niets is veranderd!’

Als we Bear mogen geloven, dan is Alcoa bij de afwikkeling van de Brokopondo Overeenkomst (BO) zeer genadig geweest naar ons land toe. Niet alleen heeft men nauw samengewerkt met de Presidentiële Onderhandelingscommissie voor de bauxietindustrie, maar ook krijgt Suriname de Afobaka waterkrachtcentrale veertien jaar eerder dan gepland. De mijngebieden zullen volgens Amerikaanse standaarden worden gesaneerd. En wat is Alcoa toch trots op de 100-jarige geschiedenis van Suralco in Suriname en de vele voordelen die dat heeft opgeleverd voor beide partijen. Pure genade dus.

Suriname heeft inderdaad erg veel profijt gehad van de activiteit van de multinational in ons land. Of wij ons rechtmatig aandeel hebben gehad in deze overeenkomst is een andere vraag. Maar we moeten toegeven dat ons land zou er zeer beslist anders zou hebben uitgezien wanneer wij deze grootschalige bauxietindustrie, met alle spin-off effecten, hadden moeten missen. Maar om het steeds maar voor te stellen als dat Alcoa naar Suriname is gekomen om ons te redden van de armoede, is natuurlijk volstrekte misleiding. Alcoa zou niet naar Suriname zijn gekomen en zou er beslist niet honderd jaar zijn gebleven wanneer dat niet dik voordeel zou hebben opgeleverd voor de moedermaatschappij en haar aandeelhouders. Er is dan ook geen enkele reden voor speciale dankbaarheid of een soort van onderworpenheid jegens de multinational, alsof het bedrijf ons ‘genadig’ is geweest.

Dit is de spirit die de PALU aan de leden van De Nationale Assemblee wil meegeven wanneer straks de behandeling begint over de gewijzigde BO. Wij zijn bezig met de afwikkeling van een zakelijke overeenkomst. Welke andere zaken wij hierna misschien nog met de Alcoa of Suralco zouden willen doen hoort buiten deze discussie te worden gehouden. Een goed voorbeeld daarvan zijn de bauxietvoorraden in Bakhuys of het opzetten van een industriepark te Paranam, die op geen enkele manier mogen worden betrokken bij de huidige afhandeling van de BO.