Column: Politieke Borrelpraat #426
23 Sep, 22:43
foto


“Jongens, een rondje voor jullie, ik ben zo blij, ons land gaat wereldwijd, er is zoveel belangstelling voor ons, boi, ik raak er bedwelmd door.”
“Ai, en we kunnen nu zonder visum reizen naar Turkije en Servië.”
“Oooow, wat een vrijheid betekent dat voor ons, reislustigen. Servië, Torkoe, here I come, visumvrij en zo blij zonder rijstebrei.”
“Ten eerste moet ik toch maar weer via Schiphol, al is het als transitopassagier en ten tweede vraag ik me af wat ik bijvoorbeeld in Servië moet gaan doen; ik weet niet eens waar dat land precies ligt en ik ken de taal niet eens.”
“Ik denk dat het voor bepaalde van die lui eerder interessanter is hierheen te komen om te kijken of ze wat van onze overschotten aan natuurlijke hulpbronnen goedkoop kunnen bekomen.”
“Klopt, we staan er al zo een beetje bekend om dat we onze grondstoffen voor een appel en een ei weggeven.”
“Ik denk dat die belangstelling opeens voor ons ook veel te maken heeft met de op handen zijnde Algemene Vergadering van de VN. Bepaalde landen willen graag weten hoe we bij bepaalde resoluties gaan stemmen.”
“Maar hoe vinden jullie dat opvallend de hemel in prijzen van de scheidende USA-ambassadeur in ons land?”
“Ik begrijp ons niet: we zijn afkomstig van een kleinburgerlijke West-Europese koloniale moeder, bevinden ons aan de rand van een oer Engels-conservatief eilandengebied, zijn door en door veramerikaniseerd, maar hebben tegenwoordig vooral anti-Amerikaanse contacten: Nicaragua, Venezuela, Cuba, communistisch China, Wit Rusland, Servië, Turkije en ergens in de Kaukasus een of andere Tastikkiestan. En niet te vergeten een corrupte en onvervalste Centraal-Afrikaanse dictator en dan steunen we de Jappen bij hun roofzuchtige walvisvangst, maar met het land waarmee we nog altijd de meeste sociale banden hebben, leven we in politieke onmin.”
“Ik zou juichen als daar dat dure en denigrerende proces van visumaanvraag voor ons zou worden afgeschaft.”
“We zijn echt een koffie verkeerd; een half miljoen mensen zigzaggend, zwalkend, tegen het verkeer in op de internationale snelweg, zoekend naar de juiste route.”
“We begrijpen onszelf niet en niemand begrijpt ons.”
“En onze politici denken alleen maar aan hun eigen politieke gewin: die ene gaat zetel in Marowijne terugpakken, die andere gaat voor regeermacht, die derde zoekt het in de diaspora, die vierde organiseert markten met als attractie gratis dokter, die vijfde zit opgescheept met een heel langzaam herstellende voorzitter.”
“Dan is hij kerngezond, dan moet hij een vermoeiende reis afzeggen, dan ontvangt hij diplomaten, dan mag hij maar twee uren per dag werken en dan azen velen op zijn voorzitterspost.”
“Moeten we onze toekomst voor de komende vijf jaren in de handen van zo een stel politici leggen?”
“En een deel van onze kiezers droomt over het weder opstarten van een zwaar verouderde aluinaardefabriek zonder dat het duidelijk is waar de miljoenen vandaan moeten komen om die roestbak op te starten en de miljoenen tonnen aan bauxiet vandaan moeten komen om de fabriek te voeden.”
“Dromers en praters te over.”
“En dan niet te vergeten ons onderwijskoffertje, dat maar alles zoekt en erbij sleurt alleen maar om zoveel mogelijk ontevreden aanhangers op te trommelen om de opstart van ons onderwijs op 1 oktober te frustreren zodat hij zijn machtspositie tegenover de overheid weer eens kan tonen.”
“Ik blijf het zeggen: zolang betrokkene geen minister van Onwijs is geworden, zal hij zich tegen onder- en bovenwijs blijven verzetten.”
“Maar aan de andere kant laten we weer eens zien, dat als we willen, dat het kan.”
“Je bedoelt het lichten van die semi-duikboot uit de Coppenamerivier?”
“Ach nee, dat wordt onze tweede Goslar, een Goslarretje. Heb je gezien hoeveel energie het al kost om je voet met laars uit de modder te trekken? Nee, die schuit blijft daar liggen. Niet het Van Beek eiland, zoals ze de Goslar in het begin noemden, maar het Udieteiland.”
“Komt die ondernemer ooit terug? Want dat gedoe met dat rechtshulpverdrag klopt van geen meter.”
“Aan de ene kant wordt hij beschermd door zijn leveranciers en aan die kant door zijn afnemers. Wat wil je nog meer?”
“Ik geef jullie een rondje omdat het kan, zodat ik straks weer met open deuren kan slapen en m’n dievenijzer kan weghalen.”
“Hemeltjelief, hebben jullie Calpol voor Jules? Wat scheelt hem? Hij heeft last van waanvoorstellingen. Misschien heeft hij Pokemon of Sukru sani gerookt of gesnoven.”
“Dat spul wordt gewoon gedronken, mang. Nee, ik geef dat rondje omdat ik eergisteren in de krant las: ‘Politie lost beroving collega-agent binnen enkele uren op.”
“Ik vind dat een goede zaak, proficiat zonen van Hermandad, maar er kleven wat rare aanhangsels aan de motivatie en verklaring van de politie-voorlichtingsdienst in deze kwestie.”
“Helemaal met je eens. Ik heb echt mijn hoofd geschud toen ik dat las en terecht heeft de krant in z’n redactioneel commentaar van gisteren een paar markante kanttekeningen geplaatst.”
“Altijd zijn jullie zo negatief, daarom komen we niet vooruit in dit land. Als het maanden duurt voordat een case wordt opgelost, dan hoor je: ‘de politie doet niets’ en als ze met voortvarendheid optreden, hoor je: ‘ja, omdat het een collega was, daarom konden ze wel alert optreden.”
“Natuurlijk, al was ik het ook. Ef’yu collega barba brong, graab deng brandstichter fos’deng brong yu barba.”
“Maar de politievoorlichter zegt in een ander artikel toch zo een onthullend geheim, iets wat ik echt niet wist.”
“En wat is dat, vertel, vertel.”
“Hij stelt dat criminelen het gemunt hebben op mensen die veel geld en waardevolle bezittingen hebben.”
“Heeeee, is dat die waarheid die we niet wisten? Mijn hemelse goedheid, wat ben ik toch meteen goed voorgelicht. Nu geef ik uit dank voor deze onthulling nog een rondje.”
“En de voorlichtingsdienst spreekt met klem tegen dat de beroofde agent een dirty cop zou zijn en dat hij daarom zoveel geld in huis had.”
“Onze agent is handelaar, ondernemer, en heeft daarom zoveel geld in huis. Waarom zeuren jullie?”
“Maar het is goed dat de voorlichter alle ondernemers, dus ook andere agenten die naast hun agentschap ook ondernemer zijn, adviseert om hun geld op de bank te zetten.”
“Wondernemer, zondernemer, dondernemer, rondernemer, allemaal nemers.”
“Is er laatst niet een politie-inspek met een burger ingesloten wegens het aannemen van tyuku en het omkopen van een ambtenaar?”
“Zal de politievoorlichting hiervan misschien zeggen dat het om een wondertyukunemer en een ondertafelnemer gaat? Past u op, oh burgers, al dragen ze een uniform.”
“En hebben jullie het gemerkt: niemand wil meer euro’s hebben. Sommige winkels plakken het op hun deur. Alles is in één klap geordend door dat klemmen van die 19,5 miljoen euro op Schiphol. Klarie met dat kunstmatig opschroeven van die koersen.
“Maar ook een enorme stagnatie voor wat betreft het bonafide handelsverkeer met Europa.”
“Als je je aan hun regels houdt en via bonafide banken werkt, is er geen vuiltje aan de lucht.”
“Maar als je je euro’s wil gaan storten, betaal je een hap stortingskosten.”
“Dat moet ook in Nederland. Daar ontmoedigt men steeds meer het gebruik van cash-geld. Overal kan je met je pasje betalen; zelfs als het om kleine bedragen van een paar euro’s gaat.”
“Hier ga je horen: we zijn nog niet zover.”
“Je bedoelt: we willen geen moeite doen om zover te komen, want we hebben allemaal baat bij die cash-cultuur.”
“Dus dan zet je je euro’s in de kluis of je rijdt ermee rond.”
“Boi, helemaal link, dat laatste. Als je hoort hoeveel er bij auto-inbraken wordt buitgemaakt, verschrikkelijk. Mensen rijden met tassen vol geld en sieraden rond en dat ‘ruiken’ de criminelen.”
“Dan nu heb je je sieraden, geld en apparatuur voor je straf.”
“Ik zeg: als je veel meer hebt dan je als mens nodig hebt, trekt dat vieze vliegen aan.”
“Ik heb nu wat sopi nodig fu nati mi neki, want jullie zien ze vliegen.”
“Dan geef jij nu eens een keertje een rondje.”

Rappa