Podosiriefabriek geeft Marowijne een nieuwe push
20 Jul, 08:32
foto
In dit gebouw in Moengo is Apodo Tropical Fruits gevestigd. (Foto: NII)


Het podosirie bedrijf Apodo Tropical Fruits in het district Marowijne zal nieuwe ontwikkelings-
mogelijkheden met zich meebrengen. Het bedrijf zal in september operationeel worden. Op het ogenblik is er al een samenwerking met veertig boeren. De vooruitzichten zijn van dien aard dat de export van de eerste container naar Nederland al in planning is.


De podosiriefabriek is een initiatief van Ruud Souverein, directeur van Suriname Candied Fruits NV en wordt geleid door Cortessa Dapaw. De fabriek zal de productie afnemen van plaatselijke boeren, en de vrucht (açai) verder verwerken tot eindproduct. Het eindproduct zal worden geëxporteerd naar Europa en afnemers in andere delen van de wereld. Het bedrijf levert daarmee ook een bijdrage in de motivatie van zowel de boeren als de rest van de bevolking in het district. De definitieve in gebruik name van de fabriek is pas in september, maar de vooruitzichten zijn positief.

De opstart van een podosiriefabriek in Marowijne kan een grote bijdrage leveren aan de ontwikkeling van het district. Een delegatie van het Directoraat Algemene Ontwikkeling Binnenland (DAOB) van Regionale Ontwikkeling, was woensdag getuige van de lancering van het bedrijf, meldt het Nationaal Informatie Instituut.

Martha Apai, onderdirecteur DAOB: “Wij van het ministerie van Regionale Ontwikkeling hebben als doel ontwikkeling te brengen in het binnenland. Wij zijn blij met het lanceren van deze fabriek, iets dat we alleen maar kunnen toejuichen, want we zien dat er ontwikkeling naar de mensen toe komt”, zegt Martha Apai, onderdirecteur DAOB. Ze benadrukt dat de overheid voorstander is van een actieve publieke sector.

Agnes Leewani-Pinas, eigenaar van het gebouw dat onderdak biedt aan de fabriek, vindt het een goed idee om het pand op deze manier te benutten. Eerder was het gebouw ingezet voor een cassavefabriek, maar het project mislukte na verloop van tijd. Het gebouw raakte vervolgens verwaarloosd. “Dit is een nieuwe kans voor het gebied”, stelt Leewani-Pinas.