Column: Politieke Borrelpraat 394
11 Feb, 22:22
foto


“Beste broeders, je kan zeggen wat je wilt, maar mijn vriend de politieke analist heeft duidelijk gescoord met zijn uitspraak dat kleine politieke partijen die maar geen zetels halen, moeten overwegen om niet meer mee te doen met de verkiezingen.”
“Je bedoelt die Rodeo Harmadien, zelf eens oprichter van zo een todoprasoro-partij, de Janta partij?”
“Jawel, dat was de zoveelste afsplitsing van de Haathi mera saathi-partij, de onoverwinnelijke oranje reus.”
“Ik zeg: laat elke partij bij inschrijving bijvoorbeeld 20.000 srd betalen.”
“Jeetje, nee mang! Ben je wel goed wijs? Dan gaan weinig partijen kunnen meedoen.”
“Dat is toch juist goed? Want dan zijn we toch van dat door Rodeo geschetste probleem af?”
“Afsplitsingen in de Surinaamse politiek zijn een soort van cultuur geworden. Bijna alle nieuwe partijen in het heden en het verleden zijn voortgekomen uit afsplitsingen.”
“En niet altijd waren deze afsplitsingen kansloos, vaak haalden zij flink wat zetels en soms kwamen ze zelfs in een regeercoalitie terecht.”
“Is dat echt zo? Bijna niet te geloven.”
“Beste jonge zuiplap in ons midden, ooit gehoord van de PNP, een afsplitsing van de NPS? Die haalde eerst drie zetels en bij de volgende verkiezingen in 1969 in blokverband met wat kleinere partijen, zelfs 8 zetels. Ze waren daardoor aantrekkelijk voor een coalitie met de Vooruitstrevende Haathi Party.”
“En wattebout die beroemde afsplitsing van de Aktiegroep binnen de VHP, die meer bestond uit jongere, gestudeerde Hindostanen uit de stad?”
“Ja, inderdaad, die Aktiegroep sloot zich aan bij het Aktiefront, het AF, dat was een bundeling van het Eenheidsfront en de NOP, de Nickerie Onafhankelijke Partij van de heer Poetoe. Die NOP wist samen met wat kleinere partijen de VHP tijdens twee verkiezingen in Nickerie te verslaan.”
“Maar waarom werd die NOP dan opgericht? Om Nickerie onafhankelijk te maken?”
“Nee jongeman, ze waren het niet eens met het verbond tussen Pengel en Lachmon, die zo geroemde verbroederingspolitiek.”
“Misschien zagen ze die als een ‘verloederingspolitiek.”
“Maar weten jullie dat die Aktiegroep, de AG, een nogal grillige politieke loop met veel gevolgen heeft gehad? Ze namen vaker harde standpunten in en dwongen samen met andere kleine partijen belangrijke zaken af van de toen oppermachtige NPS-VHP regering; zaken zoals een evenredige vertegenwoordiging in het parlement.”
“Ik weet nog dat ze tijdens de verkiezingen van 1963 binnen het Aktiefront 2 zetels behaalden.”
“Jeetje, wat verwarrend, dus de Aktiegroep haalde binnen het Aktiefront twee zetels.”
“Jawel, jongeman; zo leer je gaandeweg die frommelige Surinaamse politieke geschiedenis beter kennen.”
“Maar wat gebeurde er dan verder met die Aktiegroep, dus die partij van meer de jongere intellectuele stadshindostanen?”
“Nou, in 1966 wilde Pengel het kiesstelsel veranderen; sommige NPS-ers vonden dat deze wijzigingen de invloed van de Hindostaanse kiezers in het parlement zou verhogen, dus de NPS-minister Just Rens weigerde dit wetsontwerp te ondertekenen.”
“Sang! Da san psa nanga Rens?”
“Pengel jag’ing! Opzouten Rens, alias Joesoe. Rens trad toen uit de NPS en richtte de PNP op. Pengel diende het wetsontwerp toch in bij het parlement en het kwam erdoor met de steun van die Aktiegroep. Maar dit ging ten koste van de terugtrekking van twee kanjers van NPS-ers, namelijk de heren Jules Sedney en Frank Essed. Die sloten zich aan bij de PNP van Joesoe Rens.”
“Jeetje, wat een gekronkel en gebonkel in die politiek.”
“Jawel, jonge vriend, en dit is maar een tipje van de sluier. Bij die verkiezingen van 1967 haalde de NPS 17 zetels, de VHP 11, de Aktiegroep 4, de PNP 3 en de SDP en de SRI elk 2 van de in totaal 39 te verdelen zetels.”
“Dan zijn de NPS en de VHP samen gegaan? Samen hadden ze meer dan tweederde.”
“Dat was toen nog niet zo belangrijk, want we waren nog een rijksdeel van Nederland met een gouverneur aan het hoofd. Nee, jonge vriend, de NPS en de VHP kregen ruzie; Lach eiste teveel ministerszetels, onder andere Financiën, en Pengel zat maar te drammen met die onafhankelijkheid, waar de Hindostanen niets van wilden weten, uit vrees voor een creoolse overheersing na zo een onafhankelijkheid.”
“Dus de VHP ging in de oppositie? Dan was dat het einde van die zo opgehemelde Verbroederingspolitiek. Die duurde dus van 1954 tot 1967.”
“Klopt helemaal.”
“Maar met wie vormde Pengel dan zijn regering?”
“Met de Aktiegroep en met zijn aartsvijand de SDP. Je ziet dat men in onze politiek ter wille van de meerderheid zelfs met z’n vijanden in zee gaat.”
“Om der wille van het smeer, likt de kat den kandeleer; een zeer toepasselijk oud spreekwoord.”
“Maar er leek een vloek op die regering, Pengel-2, te rusten. In december 1967 komt de voorzitter van de Aktiegroep, de heer Chandieshaw, onverwachts te overlijden.”
“Ja, ja, ik kan me dat nog herinneren; dat was me een drama! En een hardnekkig gerucht deed daarbij de ronde, maar ja, we zijn in dit land sterk met geruchten.”
“Maar vaak berusten ze op een waarheid. Wat was het gerucht? Had het te maken met zijn doodsoorzaak?”
“Dat klopt, maar ik weet niet of het verstandig is om dat aan jou te vertellen. Jullie jongeren hoeven niet alles te weten; dalijk neem je het als een waarheid.”
“Oké, ik neem het als een gerucht aan dat waarschijnlijk niet op waarheid berust. Wat was dan dat hardnekkig gerucht?”
“Kijk, de heer Chandie was naar een feest, een huwelijk dacht ik, geweest. Er werd daar wat gedronken en natuurlijk flink over politiek gedebatteerd. Op een gegeven moment voelde hij zich niet lekker en ging naar huis. Daar is hij overleden.”
“Maar wat is dan dat gerucht?”
“Dat er wat in z’n drank moet zijn gedaan.”
“Dus dat hij vergiftigd zou zijn? Jeetje. Is er dan autopsie gepleegd?”
“Volgens mij niet. Hij moet een hartaanval hebben gehad en dan pleeg je geen autopsie.”
“Ja, ja, er zijn genoeg middeltjes bekend die je hart zodanig opjagen, dat die het niet meer aankan en bezwijkt. Hartaanval. Klarie.”
“Net als bij die sukru, die partydrug. Daarom krijg je het dan enorm warm.”
“En als ze het bijvoorbeeld in zo een space cake stoppen, gebeurt dat ook; dan ga je vreemd gedrag vertonen en tijdens de oudejaarsviering je ministerskleding willen uittrekken.”
“Gaat men dat van die minister nu pas onderzoeken? Had men die dag dan een urine- en een bloedmonster van de minister genomen? Anders valt er niets te onderzoeken. Dus Neksaliem.“
“Goed, lieb’a tori dati. Maar in ieder geval brak er na het overlijden van Chandie een machtsstrijd los binnen de Aktiegroep om het voorzitterschap. Bereken: NPS 17 zetels, AG 4, SDP 2, totaal 23 zetels. De Aktiegroep vervulde met z’n 4 zetels dus een sleutelpositie. De nieuwe AG-voorzitter zou bij wijze van spreken Pengel kunnen chanteren om meer ministersfuncties bijvoorbeeld, want als de AG uit de coalitie zou stappen, was Pengel z’n meerderheid in het parlement kwijt.”
“Dan kreeg Pengel last van onderwijzers aan wie hij in 1966 een loonsverhoging had beloofd, dan veroverden de Guyanezen post Tigri en namen zo bezit van de Driehoek in ons binnenland, dan had de regering in Den Haag Pengel financiële restricties opgelegd, want er werd hier maar met geld gesmeten. Uit deze tijd komt de zegswijze: Winti wai, lanti pai.”
“Oow, wat klinkt dit toch zo bekend in mijn oren; neks no fout; tide, tamara, we leni moro fara.”
“Daarom moesten we onafhankelijk worden, dan waren we die bemoeiallen uit Holland kwijt.”
“Maar die letten tenminste wel op als er met geld en macht geknoeid werd, zie hun optreden in Sint Maarten en onlangs op Sint Eustatius.”
“Moeten we dan terug naar die Hollanders?”
“Echt niet! We moeten onszelf leren controleren, vooral financieel en moreel. Pas dan zullen we een stabiel onafhankelijk land worden.”
“Maar bleef de AG dan in deze onstabiele coalitie van Pengel-2?”
“Ja, tot 1969; toen ging het echt mis tussen de NPS en de Aktiegroep en besloot Pengel zijn regeermandaat in te dienen bij gouverneur Johan Ferrier.”
“Wacht even, het waren toch de acties van de leerkrachten bij het VWO die Pengel tot aftreden dwongen?”
“Kom nou, geloof je echt dat een bijna dictator als Jopi Popi om een paar rennende studenten en stakende, merendeels Hollandse leerkrachten z’n regering zou laten vallen? Zo iets doe je als je je regeermeerderheid kwijt bent of kwijt dreigt te raken.”
“Dus in feite deed de Aktiegroep de regering Pengel vallen.”
“Klopt, maar Pengel had gedacht dat hij na het indienen van zijn regeermandaat van gouverneur Johan Ferrier weer de opdracht zou krijgen om een regering samen te stellen, en dan zou hij zijn fout van 1967 kunnen herstellen en weer met Lachmon en de VHP in zee gaan. En dan zou het klarie, afgelopen zijn met dat hele vakbondsgedoe, bikasi den VHP-topmang leki ondernemers no lobi vakbond nanga staking.”
“Maar toen speelde gouverneur Ferrier een meesterlijke kaart: hij gaf de onafhankelijke heer Bergen de opdracht om een zakenkabinet samen te stellen; dat werd het legendarische kabinet May, die nieuwe verkiezingen moest voorbereiden. Boi, wat deze mannen toen in nog geen acht maanden hebben gepresteerd, heeft volgens mij geen enkele andere regering hun kunnen nadoen.”
“Ja, inderdaad; ik hoor nog vaak praten over dat zakenkabinet May.”
“Maar zo frappant: die zelfde Aktiegroep vormde bij de verkiezingen van 1969 een blok met de VHP, samen met nog wat andere kleine partijen en de NPS werd naar de oppositiebank verwezen.”
“Maar vergeet onze jonge broeder niet te vertellen, dat ook deze regering vanaf het begin een soort vloek op zich leek te hebben. Soso probleem met allerlei geknoei met als dieptepunt de grote staking van 1973 met o.a. het doodschieten van Abaisa.”
“Dus hieruit blijkt duidelijk dat nieuwe partijen uit een soort van ontevredenheid ontstaan. En om zetels te behalen gaan ze in pre-electorale partijblokken zitten en bij zetelwinst kunnen ze flink van links naar rechts schuiven en vaak zelfs bij hun politieke vijanden terecht komen.”
“Jawel, mijn jonge vriend, goed geconcludeerd. Het lijkt er bij nieuwe partijen in den beginne vaak om principes en dat soort dingen te gaan, maar gaandeweg word je deel van dat politiek gesjoemel; je komt er niet onderuit, dat is nou eenmaal het politieke spel. De kunst is daarbij om met handig onderhandelen het maximale voor jouw partij eruit te halen.”
“Maar hoe liep het verder af met die VHP/PNP-regering?”
“Een andere keer, mijn jonge vriend. Deze opa’s hier moeten nu wat gaan eten en hun gezondheidsslaapje gaan doen. Een volgende keer verder. Vincent, kan je een taxi voor ons bellen?”
“Komt voor elkaar, maar wel eerst afrekenen, alstublieft.”
“Natuurlijk.”

Rappa