PG houdt advocatuur spiegel kernwaarden beroep voor
20 Jan, 09:58
foto
Procureur-generaal Roy Baidjnath Panday. (Foto: Raoul Lith)


Procureur-generaal (pg) Roy Baidjnath Panday plaatste tijdens het symposium over de beroepsopleiding van de advocatuur kanttekeningen bij het gedrag van advocaten. In de media kan zich een strijd om de beeldvorming over een strafbaar feit ontwikkelen, "terwijl de zitting bij uitstek de plek is om de juridische strijd te leveren en de degens te kruisen, uiteraard niet met de intentie om bloed te laten vloeien," stelde de pg.

Het symposium stond in het teken van het advocatentuchtrecht in Suriname. De pg richtte zich vooral op de positie van het Openbaar Ministerie (OM) tegen de achtergrond van Surinames rechtsbestel. Het toepassen van tuchtrecht zal pas kunnen wanneer praktiserende advocaten iets hebben gedaan of nagelaten, wat strijdig is met hun beroepsethiek. Het zal voor de toetsende autoriteit van belang zijn om na te gaan of de betichtingen aan het adres van de advocaat te maken hebben met de schending van een of meer kernwaarden van zijn beroepsuitoefening.

Essentiële kernwaarden
Baidjnath Panday somde zes essentiële kernwaarden op voor de beroepsuitoefening van de advocaat:
1. Het uitsluitend dienen van het partijbelang van de cliënt. De advocaat zal daarbij alle facetten omtrent de positie van de cliënt in het geding in beschouwing moeten nemen teneinde een topkwaliteit van rechtsbijstand te kunnen verlenen.

2. De vertrouwelijkheid in de relatie met de cliënt. Iedere cliënt zal zich vrijelijk en zonder vrees van openbaarmaking van het toevertrouwde tot een advocaat moeten kunnen wenden ter verkrijging van rechtsbijstand. De advocaat zal het karakter van de vertrouwelijke informatieverkrijging van de cliënt nimmer mogen schenden.
Indien het procesbelang erbij gebaad is, zal de advocaat zijn cliënt daaromtrent moeten informeren teneinde de instemming te krijgen om vertrouwelijke informatie te brengen in het geding.

3. De deskundigheid van de advocaat. De cliënt dient eerlijke informatie te krijgen van de advocaat omtrent zijn deskundigheid voor een goede/adequate procesvertegenwoordiging gedurende het geding. Er wordt zelfs geredeneerd dat advocaten die door gebrek aan specifieke kennis of ervaring, cliënten onvolledig of onvoldoende deskundig advies kunnen geven, in tuchtrechtelijke zin onzorgvuldigheid verweten kan worden.

4. De onafhankelijkheid in de rolvervulling van de advocaat. Dit houdt in dat de advocaat niet in enige gebondenheid met of tot anderen, de belangen van zijn cliënt zal behartigen. Er zal geen sprake mogen zijn van conflict of interest.

5. De integriteit van de advocaat. Hieromtrent mogen geen kwesties of twijfels ontstaan bij de verlening van rechtsbijstand. De advocaat zal onder alle omstandigheden op een ethisch verantwoorde wijze en dus op een behoorlijke wijze de belangen van zijn cliënt moeten behartigen.

6. In de literatuur wordt een zesde kernwaarde genoemd die te maken heeft met de publieke verantwoordelijkheid van de advocaat voor een goede rechtsbedeling. Hiermee wordt met name gedoeld op de rol vervulling van de advocaat zonder beknotting van de rechten van de wederpartij en met inachtneming van de beginselen van een eerlijk proces. Een dergelijke rolvervulling draagt uiteindelijk bij tot het eveneens dienen van het algemeen belang en daardoor tot handhaving van de rechtsorde. De verlening van rechtsbijstand mag niet bijdragen tot het creëren van wanorde, benadrukte het hoofd van het OM.

Beklag en toetsing
"Tegen de achtergrond van deze zes kernwaarden, wordt duidelijk dat het voor de cliënt erop aankomt om een advocaat aan zijn zijde te hebben die partijdig, vakbekwaam, alert en op integere wijze diens werk verricht. En precies hierin ligt de lastigheid voor de cliënt om de niet integere taakvervulling genoegzaam en helder te schetsen voor zij die geroepen zijn om te toetsen en te oordelen.
Maar dat alleen is het punt niet!. Bij elk beklag over de advocaat zullen de feitelijkheden getoetst moeten worden teneinde vast te stellen of en in hoeverre in strijd is gehandeld met een of meer van de boven geschetste kernwaarden," stelde de pg.

In de Surinaamse situatie is er nog een andere belangrijke factor die kan meespelen aan de zijde van de cliënt. Veel cliënten kennen het procesrecht niet of nauwelijks. Ze moeten vaak van de advocaat redeneringen en woordkeuzes aanhoren die zij haast niet kunnen bevatten dan wel doorgronden. Het is belangrijk volgens de pg dat in iedere tuchtzaak nadrukkelijk aandacht wordt gegeven aan de positie van de cliënt ongeacht diens sociaal maatschappelijke achtergrond.
De toepassing van het tuchtrecht in concrete zaken zal uiteindelijk bijdragen aan het goed functioneren van de advocatuur. En een goed functionerende advocatuur draagt bij aan een goede rechtspleging waarin justitiabelen weten dat hun rechtspositie adequaat beschermd wordt. Door een actieve toepassing van het tuchtrecht wordt tevens bevorderd, dat het maatschappelijk vertrouwen in de advocatuur wordt gewaarborgd.

Media attentie
Het komt volgens Baidjnath Panday vaak voor dat in het strafproces advocaten in spraakmakende zaken media attentie zoeken om publiekelijk de procesgang en het procesgebeuren te bespreken. "Niet in de laatste plaats om kennelijk indruk te wekken bij anderen maar zeker en vooral bij de cliënt, waarbij niet zelden de zwarte piet in de richting van het OM wordt uitgespeeld. Het is dan de vraag of hiermee het belang van de cliënt wordt gediend en daardoor het algemeen belang of dat de advocaat gretig gebruik maakt van de aandacht uit de media om zichzelf op een voetstuk te plaatsen."

Ongetwijfeld kunnen er volgens de pg legitieme redenen zijn om publiciteit te geven over een strafzaak. Maar voortijdige publieke informatie verschaffing met de nodige detail kan schade toebrengen aan het opsporingsonderzoek, een succesvolle aanhouding dwarsbomen of zelfs op gespannen voet komen te staan met de waarheidsvinding; met niet in de laatste plaats mogelijke veiligheidsrisico’s voor getuigen of onderzoekers. Het OM heeft tot nu toe in voorkomende gevallen –en die zijn zeer schaars- uitsluitend op hoofdlijnen en ook nog eens selectief informatie over ernstige strafbare feiten gedeeld met de samenleving in de fase van het voorbereidend onderzoek.

"Mijn observatie is, dat tot nu toe gebleken, dat media aandacht voor en commentaar op strafzaken niet heeft geleid tot beïnvloeding van de uitspraak qua motivering en straftoemeting. En dat moeten wij zo houden. Als een advocaat het ernstig bont maakt door publieke bespreking van feitelijkheden van de zaak terwijl die nog onder de hamer van de rechter is of erger nog de gang van het geding of de rechter bespreekt, dan wordt het de vraag of de deken van de Orde ambtshalve een tuchtrecht procedure zal gaan initiëren. U zult uzelf dan ook rekenschap moeten geven omtrent de wijze hoe u na de opleiding en de beëdiging als advocaat invulling zult willen geven aan uw professie en de formule die u zult hanteren voor het contact met de pers. Ik doe een klemmend beroep op u om uw integriteit niet op het spel te zetten!"