Auteur: Nederland verantwoordelijk voor zinken Goslar
05 Dec, 03:44
foto
Het boek 'De Goslar affaire' van de hand van Nizaar Makdoembaks.


De Nederlandse staat heeft bij aanvang van de Tweede Wereldoorlog doelbewust het Duitse koopvaardijschip, Goslar, in de Surinamerivier op de KNSM-rede bij Paramaribo, als zinkschip laten zinken om een coup de main (overrompelingsaanval) te voorkomen. Dit onthult Nizaar Makdoembaks, arts-onderzoeker, in zijn nieuw uitgegeven boek 'De Goslar affaire, ontmaskering van een geheime militaire missie'.

Uit archiefstukken blijkt dat men bij het ministerie van Koloniën, via inlichtingen uit Curaçao, al in januari 1940 op de hoogte was van de instructies die alle Duitse schepen die in Nederlandse koloniale havens lagen, hadden gekregen. Het was een topambtenaar van het ministerie, te weten secretaris-generaal O.E.W. Six die, na overleg met het hoofd van de Marine Inlichtingendienst, luitenant ter zee eerste klasse C. Moolenburgh, besloot om wel de gouverneur-generaal (GG) van Oost-Indië in te lichten, maar niet de gouverneur van Suriname.

Volgens Makdoembaks bestond er een geheime kanttekening van SG Six met de instructie, de Gouverneur van Suriname niet te informeren over de maatregel om Duitse koopvaardij schepen te overmeesteren, zodat ze hun schip niet tot zinken konden brengen. Zodoende is duidelijk dat het wrak van de Goslar ligt waar het ligt omdat SG Six dit bericht niet naar Suriname wenste te sturen.

Drogredenen voor achterhouden inlichtingen
Aangezien er al 77 jaar geschoven wordt met de verantwoordelijkheid voor het opruimen van het wrak (lees: het betalen van die berging) is deze vaststelling het eerste wapenfeit van deze nieuwe publicatie van auteur arts-onderzoeker Nizaar Makdoembaks. Maar er is meer.
De geheime kanttekening van SG Six riep direct vragen op bij de auteur. Six voerde onveiligheid van de post aan als argument om dit bericht niet naar Suriname te zenden, maar dat lijkt een drogreden. En wat had de inlichtingendienst van de marine voor ogen met het bewust niet informeren van de overheid van Suriname over dit dreigende gevaar? Het had er alle schijn van dat men de Goslar doelbewust liet gebruiken als zinkschip.

Op zoek naar drijfveren en achtergronden vond de auteur antwoorden in militair-strategische richting. Suriname was niet of zeer slecht verdedigd tegen een overrompelingsaanval van een buitenlandse mogendheid. Een snelle, succesvolle aanval en verovering van het land kon alleen plaatsvinden na een landing met groot materieel, bij de KNSM-rede; precies waar de Goslar in de weg lag (en ligt).

Zo’n aanval zou dan gevolgd worden door de bezetting van enkele strategische punten in Paramaribo. Wie de stad had, had ook het land. Op deze manier zou de vijand de export van bauxiet binnen een dag kunnen stilleggen. En in WO II was het deze grondstof die Suriname tot een belangrijk militair-strategisch gebied maakte.
In archieven vond de auteur feiten die de argumentatie van Six in zijn kanttekening tegenspreken, hetgeen het vermoeden versterkt dat er meer schuilgaat achter dit onthouden van informatie door SG Six. Zo poogt de auteur te achterhalen wat de motieven waren om de Goslar als zinkschip te laten gebruiken. En in het verlengde hiervan, wat de betekenis van een zinkschip kon zijn voor de militaire verdediging van Suriname. Dit onderzoek leidt hem vele eeuwen terug, naar een algemene historische beschouwing over de wijze waarop het moederland zich altijd heeft gekweten van haar taak om haar lucratieve kolonie te beschermen.

De archiefstukken tonen een eeuwenlange tendens om de verdediging van Suriname ondermaats, of in ieder geval zo goedkoop mogelijk, te houden.
Volgens Makdoembaks moet de Nederlandse regering Suriname financieel compenseren voor de gederfde inkomsten ten gevolge van de ligging van het wrak voor de KNSM-haven van Paramaribo. Zo’n compensatie zou moeten beginnen met het alsnog financieren van de lichting en berging van het wrak.
Makdoembaks houdt vanavond een presentatie van zijn boek in het Nationaal Archief Suriname.