Dodson geroyeerd als lid van DOE
10 Nov, 05:45
foto
Minister Regilio Dodson is geroyeerd als lid van DOE.


Regilio Dodson (minister van Natuurlijke Hulpbronnen) heeft via deurwaardersexploot een brief ontvangen van de politieke partij DOE, waarin hem meegedeeld wordt dat hij is geroyeerd als lid. Dodson heeft volgens de brief, ondertekend door voorzitter Carl Breeveld en secretaris Paul Brandon, in strijd gehandeld met de statuten en het huishoudelijk reglement van de partij.

Dodson wordt verweten dat hij tegen de beginselen van DOE heeft gehandeld. De regering heeft met zijn goedkeuring gebruik gemaakt van artikel 148 van de grondwet, in een poging tot inmenging in de rechtszaak over 8 december 1982. Dit is volgens de DOE-leiding tegen de principes van democratie en rechtsstaat. Dodson zou in verschillende gedragingen de partij in diskrediet hebben gebracht. Dodson is minister geworden van Natuurlijke Hulpbronnen toen DOE besloot samen met NDP een coalitie te vormen. Toen de partij uit de regering stapte, is Dodson minister gebleven.

Gelegenheid tot verweer
Op 24 oktober kreeg Dodson de gelegenheid zich te verweren. Hij heeft hier geen gebruik van gemaakt. De partijleiding stelt in de brief dat DOE niet gekend is bij de beslissing van Dodson als minister, om in te stemmen met de totstandkoming van het presidentieel besluit waarin de procureur-generaal werd opgedragen het 8 decemberstrafproces stop te zetten. Ook de president heeft DOE, die nog deel uitmaakte van de coalitie, niet betrokken bij deze kwestie.

De leiding van DOE stelt dat op verschillende momenten Dodson beslissingen heeft genomen, waarbij niet gehandeld is volgens de principes van de partij. "In de Alcoa kwestie, bent u als minister volledig buiten spel gezet en u heeft dit zonder meer toegelaten".
Ook in de kwestie EBS is volgens de brief Dodson teruggefloten. Nadat de president commissaris van de EBS directeur Rabin Parmessar had ontheven uit zijn functie, heeft Dodson in de media deze stap breedvoerig ondersteund. Randis Koster werd aangesteld als waarnemer van de directeur. "Vervolgens floot de president u terug en werd Parmessar in functie hersteld, terwijl de president commissaris door u was voorgedragen."

Breeveld en Brandon stellen dat het gedrag dat geschetst is van Dodson, een DOE-lid onwaardig is. Het is nog niet duidelijk of Dodson het besluit zal aanvechten.
Advertenties