Minister Dikan krijgt Wetboek van de Aucaners
10 Oct, 00:01
foto
Bestuurslid van stichting 10 Oktober 1760, John Lesina, geeft uitleg over het Wetboek van de Aucaners. (Foto: René Gompers)


Deng Weti Fu a Twalufu Lo Gaanmang Meke Tien Na Dii Fu Okanisi. Zo heet het Wetboek van de Aucaners. In het Wetboek zijn de traditionele regels, ordehandhavingen, culturele wetten en straffen vastgelegd waar de 12 Aucaanse stammen zich 350 jaar lang aan hebben gehouden om te overleven en de orde in hun gemeenschappen te handhaven. Het Wetboek is zondag met trots gepresenteerd door stichting 10 Oktober 1760.

Voor de totale Marrongemeenschap een 'unicum', voor de stichting is er nóg een mijlpaal bereikt en is er een wapenfeit toegevoegd aan de lijst van verworvenheden van de stichting, deelt een trotse voorzitter Leo Atomang mee. Bestuurslid John Lesina, die ook jurist en kapitein is, is direct betrokken geweest bij het schrijven van het Wetboek. “Er zijn altijd al regels geweest bij de verschillende stammen om de orde te handhaven. Hoe anders zijn de binnenlandbewoners erin geslaagd om 350 jaar lang zonder politie, zonder de centrale overheid, veiligheid en orde te garanderen? We zijn allemaal trots op omdat het de eerste keer in de geschiedenis van de Marrons is dat een groep een wetboek heeft gemaakt.”

De volgende stap is om het Aucaanse Wetboek in lijn te brengen met het centraal rechtssysteem, deelt Lesina mee. “Er zitten bepaalde artikelen in die we met de centrale overheid moeten ‘matchen’. Er zijn bepaalde wetten die we traditioneel willen uitvoeren en van anderen denken we ‘dit is iets voor de centrale overheid’. Het Wetboek is een paar weken geleden aangenomen en symbolisch overhandigd aan minister Edgar Dikan van Regionale Ontwikkeling. De datum om het te presenteren aan de centrale overheid moet nog bepaald worden.”

Veel van de wetten hebben door de eeuwen heen een intense sociale controle gestimuleerd en in stand gehouden, deelt Lesina mee. Hij haalt een voorbeeld aan: “Stel dat een kind een ‘ogri’ heeft uitgehaald. De oom van het kind werd ter verantwoording geroepen. Hij moest midden in het dorp naakt plaatsnemen op de grond. Hij werd vernederd. Dit maakte dat de familie van de schuldige streng erop ging toezien dat het kwaad zich niet herhaalde. Toekomstige misstanden werden hiermee al in de kiem gesmoord daar men wist dat er vernedering op stond. Dit is een heel goed systeem, en dit hebben we gehandhaafd 350 jaren lang.”

René Gompers
Advertenties