Column: Politieke Borrelpraat 325
16 Oct, 22:08
foto


“Nou, nou, dus ook luchtmachtmilitairen weten wat jatten is; Errol, Joachim, Fabian, Jurmain en Carlo hebben voor zowat 1 miljoen srd aan voedselpakketten achterover gedrukt.”
“Ach, neks no fout; voor wat mij betreft: zand erover.”
“Neks no gedoog! Daarom worden we nog steeds voor een free for all bananenrepubliek aangezien, met grenzen die zo lek zijn als een zeef, waardoor hele kolonies buitenlandse gelukszoekers, drugsdealers, mensensmokkelaars en ander gespuis ons als springplank gebruiken om naar elders af te reizen.”
“Pas bij Burnside tjekken we een beetje bij een primitieve doorlaatpost wie en wat er al een honderdtal kilometers geleden ons land is binnengekomen.”
“We hebben wel een trotse kustwacht met trotse boten, maar zonder wettelijke bevoegdheid om op te treden.”
“We zijn nog niet zover, we hebben geen geld om de grenzen beter te bewaken, en dat soort truttige opschuifrommel ga je weer horen.”
“Maar er is wel geld om ministers en andere ambtelijke toppers met de regelmaat van de klok op dienstreis naar allerlei ‘helloow-kijk-me-hier’-conferenties te sturen.”
“Nou, Dora heeft haar conferentie over ‘Security Warning on Sustainabel Goals for Cooperation Backtracking in Conceptionalization and other Lariekoekmatters for Blablablathings’ afgezegd.”
“Nogal wiedes als je samen met je korpscheffin overhoop ligt met de politievakbond over de invoering van een nieuw dienstrooster.”
“We zijn een vreemd stel mensen bij elkaar, vooral als het om beleid gaat. Dan spelen we maar wat te graag ekte man tegen elkaar.”
“Nou, in deze kwestie lijkt het meer op ekte vrouwen die ekte man willen spelen over ekte jongemannen.”
“Kijk, ik weet niet van jullie, maar het kan mij geen enkele mallemoer schelen welk dienstrooster wel of niet gepilot wordt in welk wel of niet ressort en niet of wel niet meteen landelijk ingevoerd kan worden of dat er wel of geen conflict is of wel of niet gedokt wordt om op Republiek met de bond te gaan praten vanwege een of ander facebook geklets of dat de bond allerlei babbelverhalen à la Wilgo Koffer voor de pers komt houden. Wat mij als burger van dit zogezegd gezegend land wel kan schelen is dat ik me veilig in mijn huis moet kunnen voelen, want daarvoor wordt justitie en politie uit ons belastinggeld betaald en niet om ekte mevrouwen of ekte jongeheren tegen elkaar te spelen. Wat voor beleid is dit nou?”
“Rustig mang Jules, dat geld voor die sopie hier komt wel uit jouw zak, maar daarom hoef je hier toch niet als een dronken baab tekeer te gaan? Dalijk ga je nog een bezemstok nemen om ons te slaan, zoals die sopielall met z’n vrouw en kinderen deed omdat hij terecht geen geld kreeg voor z’n derde fles alcohol.”
“En intussen hebben ze op justitie overeenstemming bereikt, dus wat wind je je op?”
“Ja, eerst worden we als burgers op stang gejaagd dat de politie maandag in staking gaat en dat militairen ingezet zullen worden en op de valreep bereiken ze overeenstemming. Was eerst dat angst onder ons zaaien nodig?”
“Ja, mooi, je hebt weer een reden gevonden om af te geven op deze hardwerkende regering.”
“In dezen geef ik Jules wel gelijk; op deze manier geef je criminelen nog vrijer baan om ons om de haverklap te beroven, te knevelen, onze neus, mond, oren dicht te plakken tot je stikt, ons te doorzeven, te wurgen, te…, te….”
“Ja, dramatiseer maar verder; je bent ‘verkrachten’ vergeten.”
“Ik dramatiseer neks; volg het nieuws maar, dan zal je zien wat ik bedoel.”
“Ja, daarom gaan burgers nu maar zelf de rovers te lijf; die ene sluipt met z’n geladen jachtgeweer over het dak naar hen toe en schiet een crimineel pardoes voor pampus, terwijl die anderen van schrik fiveshooter en alles laten vallen en op hun vlucht metershoge schuttingen als gevleugelde olympische hordelopers nemen.”
“Maar dat politiewerk is me er ook wat, zeg eerlijk. Kijk hoe burgers tekeer gaan tegen de politie. Zagen jullie die foto in de krant waar twee bikers zich in innige omstrengeling met een jongeling op de begane grond bevinden?”
“Ai, het leek op: je tong in m’n neus, je vinger in m’n oor, je been over mijn buik, je teen in m’n mond, je schoen in mijn koemba.”
“Wat had die jongeling gedaan?”
“Hij wilde zich niet uit een handelszaak verwijderen.”
“Jeetje-mina, efu skoowtu aksi yu fu verkas uit wan wenkri, dan ga je toch? Er is geen ontzag meer voor het gezag!”
“Meneertje wilde zeker stoer doen; jongedames laten zien hoe ekte-man hij is. Nu heeft hij het politiebureau van binnen mogen bewonderen en kennis mogen maken met bijvoorbeeld beambte Apaisomeni en beambte OpdeHelling.”
“Dan klapt eentje een agent die hem komt vragen wat er aan de hand is. Boi, als je dat in onze tijd had gedurfd, had je nooit meer met je handen en in je handen geklapt wegens gebrek aan hand.”
‘Dan wattebout die ene vorige week die tekeer ging op het bureau Centrum, de boel daar ondersteboven gooide, een agent heeft gebeten en toen geboeid en al het raam uitsprong om de president te gaan spreken.”
“In onze tijd had die nooit meer gebeten wegens gebrek aan gebit.”
“Maar je hebt toch ook gezien hoe hij aan z’n einde is gekomen?”
“Maar los van dit crimineel gedoe en zo, zie ik wel lichtpunten in het nieuws, want straks ga je horen dat wij alleen maar negatieve zaken bespreken: die jongeman die ettelijke dieren redde uit een brandende petshop is uitgeroepen tot dierenheld van het jaar. Geweldig vind ik dat.”
“Ik vind het ook geweldig dat er in ons buurland Braziliё een opvang is geopend voor gedumpte olifanten. Die zijn nu in het wild te bezichtigen. Wie de natuur beschermt, zal de zegen daarvan ontvangen.”
“En eind deze maand zal onze nieuwe goudmijn meer dan duizend kilogrammen goud hebben geproduceerd, dat geeft hoop.”
“Als de inkomsten uit deze mijn maar veilig belegd zullen worden in fondsen en dat we uit de rente daarvan ons onderwijs, de medische zorg en de zorg voor de weeskinderen, gehandicapten, brand- en verkeersslachtoffers kunnen bekostigen.”
“Gelijk heb je, want ook dit goud raakt eens op zoals onze bauxiet. En zie: waar zijn de inkomsten uit de eens grootste aluinaardefabriek ter wereld te Paranam allemaal naar toe gegaan?”
“Gelukkig is drie jaren opbrengst waardevast belegd in die Bosjebrug, waar zoveel kritiek op was, weet je nog wel: we gaan geen brug met brood eten…”
“Brood met brug’ was het, zuiplap. Je hersencellen raken ook aardig van de brug door de alcohol…”
“Zeur niet man, in ieder geval, we zouden tot onze kindskinderen met die aflossing van die brug zitten; dat mocht niet, oen ben moes njam a moni dat ook toe.”
“Waar zit hij-die-dit-toen-uitschreeuwde nu?”
“Aan de andere kant van de brug, ja toch?”
“We zijn echt een stel potverteerders bij elkaar. Alles nu opeten, opdrinken en oproken, zoals het Agrarisch kredietfonds waarschijnlijk ook is leeggeplunderd.”
“Ik ben benieuwd hoeveel containers vuurwerk we eind dit jaar in giftige rook en hels kabaal zullen omzetten.”
“Laat die mensen die dat willen betalen een beetje plezier maken, kom nou!”
“Ik heb nu al beslist dat ik eind dit jaar niets overbodigs koop, zeker geen vuurwerk, zodat ik in januari niet als een verspilzuchtig en verwend kind hoef te gaan blèren dat ik geen geld heb om de dan weer verhoogde stroom- en waterrekening te betalen, alsook de wegenbelasting en de hogere benzinekosten.”
“Daarom geef ik mijn Baas, mijn volkspresident, het dringende advies: luister niet naar dat geklaag en geklets en dat gevloek en die vuilspuiterij op Fiesboek; druk gewoon door wat nodig en noodzakelijk is om dit land op het rechte spoor te brengen.”
“Wat een treffend advies, al is de geadviseerde mede debet aan die ontsporing.”
“Ja, mooie preek van je, want joe brede botro keba: jij ontvangt je pensioen mooi in valuta op een buitenlandse bank.”
“Ja, halloow, ik heb er dertig jaar keihard voor gewerkt, zonder welk staatsbedrijf dan ook leeg te plunderen en dan nog beschermd te worden door Hogere Comparanten, zoals bij ons Energiek Bedrijf Samen en bij degenen die tot twee keer toe binnen een etmaal brand hebben gesticht om belastende stukken bij de Vreemdelingendienst in rook te doen opgaan.”
“Hoezo? Gaat dat onderzoek daar dan niet door?”
“Heb je dan niet gelezen dat het onderzoek op de bekende blinde muren, zoals justitievrouwe Heloise R. dat toentertijd ook uitdrukte, is gestuit? Er is overduidelijk sprake van brandstichting, de uitvoerders zijn in beeld gebracht, maar die worden niet vervolgd, omdat anders de opdrachtgevers achter de schermen zichtbaar zullen worden en daar zitten hoogstwaarschijnlijk wat zware boys met veel invloed onder, dus….. case closed met een prachtige verdoezelende praktizijnenformulering van Vrouwe Dora.”
“Shitterend, eh, sorry, schitterend. En met dit verheffend justitieel bericht besluiten we deze uitzending. Heren, one for the road. We zouden vandaag een taxi naar huis nemen, want we zijn allen een beetje soppel. Proozzt.”

Rappa

Advertenties

Friday 23 June
Thursday 22 June