Minister Hok furieus op assembleelid Gajadien
03 Jan 2013, 00:00
b1e9983c4d8e06fdbaaaf1410b105fe3.jpg
606.780 ha aan recht tot verkenning en exploratie is verstrekt van HI-Calcia, met John Sew A-Tjon als directeur, tussen oktober 2011 en maart 2012.
Minister Jim Hok van Natuurlijke Hulpbronnen slaat hard terug naar assembleelid Asiskumar Gajadien (Nieuw Front/VHP). De volksvertegenwoordiger heeft kritiek op het verstrekken van 600.000 ha vergunning voor verkenning en exploratie aan NV HI-Calcia van John Sew A-Tjon. Hok vindt dat Gajadien misleidend bezig is met wilde verhalen. “De politiekvoering vanuit het riool heeft helaas een nieuw gezicht gekregen”, stelt de minister. Gajadien vindt dat als de minister zich gedekt weet door de mijnbouwwet hij niet zo 'grimmig en angstig' hoeft te worden.

Hok vindt dat Gajadien bewust geen onderscheid heeft gemaakt tussen het recht tot verkenning, exploratie en exploitatie. “De indruk werd gewekt dat het zou gaan om een onwettige handeling zijdens de minister, waarbij er sprake zou zijn van willekeur, verrijking en zelfverrijking”, schrijft de voorlichtingsdienst van Natuurlijke Hulpbronnen (NH). Gajadien zegt aan Starnieuws het jammer te vinden dat Hok nu zich verschuilt achter de voorlichtingsdienst maar in De Nationale Assemblee geen openheid heeft gegeven over wie vergunningen gekregen hebben voor goud en andere mineralen. “Deze houding al heeft veel argwaan in de samenleving doen ontstaan over deze minister. Ook door geen antwoorden te geven over de uitbreiding van de EBS-centrale te Saramaccastraat”, zegt Gajadien.

Vergunningen
Het assembleelid zegt informatie te hebben dat NV HI-Calcia op 20 en 24 maart 2012 vier vergunningen gekregen heeft gekregen tot verkenning van goud, koper en andere mineralen voor totaal 600.000 ha. Verder heeft deze NV ook drie exploratie vergunningen op 19 oktober 2012 gekregen voor beryllium, nikkel en andere mineralen voor bijkans 6.780 ha. Sew A-Tjon is voorzitter van het team dat onderhandeld heeft met Iamgold. Hij is benoemd tot directielid van Staatsolie en zal algemeen directeur Marc Waaldijk in oktober opvolgen.

NH stelt dat ‘recht op verkenning’ een houder slechts de mogelijkheid biedt van ‘verkenning’. Er wordt over het gebied gevlogen en op de grond wordt op beperkte schaal monsters verzameld voor analyse. Het speciale vliegtuig dat voor uitvoering van de verkenning wordt ingehuurd zit vol met dure, geavanceerde apparatuur en is tot nog toe altijd afkomstig geweest uit het buitenland. Dit maakt ‘verkenning’ tot een zeer kostbare aangelegenheid. Dit recht is niet verhandelbaar of overdraagbaar. “De houder van dit recht kan er dus geen geld mee ‘maken’. Het wordt gegeven voor twee jaren en kan maximaal voor één jaar worden verlengd”, zegt NH.

Exclusief recht
Gajadien vindt dat hij het recht heeft om alarm te slaan als blijkt dat aan een bevriende persoon het recht tot verkenning van zo een groot deel van het Surinaamse grondgebied wordt gegeven. Gajadien citeert de mijnbouwwet om aan te geven dat het recht op verkenning niet zo vrijblijvend is. “Waarom zou iemand zoveel onkosten maken als hij geen enkel voordeel hieraan zou hebben”, stelt het assembleelid. In de wet staat dat hoewel de rechten tot verkenning en tot exploratie geen zakelijke rechten zijn maar wel betrekking hebben op een onroerend goed en in de regel een voorfase zijn van het recht tot exploitatie… Bij wet is vastgesteld dat degene die de verkenning doet, een exclusief recht heeft tot exploitatie (artikel 23 en 24 van de mijnbouwwet).

Het assembleelid benadrukt dat in de wet ook voorzorgsmaatregelen zijn ingebouwd, waardoor aan één persoon of bedrijf geen rechten over geheel Suriname kan worden verleend. Ook wordt gewezen op het exclusieve karakter om over te kunnen gaan tot exploitatie. Gajadien zegt dat hij verder niet in zal gaan op de aantijgingen van de minister. Hij wacht rustig af wat president Desi Bouterse zal doen met deze kwestie. Hij hoopt niet dat de president oogluikend zal toelaten dat “onze natuurlijke hulpbronnen worden geroofd”.